Het is bewezen: alcohol verbetert daadwerkelijk je dansmoves
Er zijn twee soorten mensen op een feestje: degenen die zeggen “ik drink vanavond rustig aan” en degenen die dat een uur later tegen een kamerplant staan te herhalen.
Het mooie aan alcohol is dat het je zelfvertrouwen een enorme boost geeft. Ineens ben je ervan overtuigd dat je kunt zingen als een popster, dansen als een professional en een diepgaand gesprek kunt voeren over de betekenis van het leven met iemand die eigenlijk alleen vroeg waar het toilet was.
En dan is er natuurlijk de klassieke uitspraak:
“Ik voel er eigenlijk helemaal niks van.”
Alcohol is een bijzonder fenomeen. Het begint heel onschuldig. Je neemt één drankje “voor de gezelligheid”. Daarna nog eentje “omdat iedereen meedoet”. Vervolgens bestel je iets waarvan je de naam niet eens kunt uitspreken, maar waarvan je zeker weet dat er een parapluutje in hoort.
Dat is meestal het moment waarop iemand probeert een barkruk als step te gebruiken.
Ook bijzonder: hoe slimmer mensen denken te worden na een paar glazen. Opeens ontstaan de meest briljante plannen:
- “Laten we een foodtruck beginnen.”
- “We gaan volgend jaar samen een marathon lopen.”
- “Ik stuur mijn ex gewoon even een berichtje.”
Van die drie is de foodtruck meestal nog het verstandigste idee.
De volgende ochtend komt de echte hoofdrolspeler binnen: de kater. Je wordt wakker met een mond zo droog dat zelfs een cactus medelijden heeft. Je telefoon bevat foto’s waarvan je niet wist dat ze bestonden en een bankafschrift dat je eraan herinnert dat cocktails blijkbaar ongeveer even duur zijn als een kleine vakantie.
Toch gebeurt er iets wonderlijks. Een paar weken later hoor je jezelf weer zeggen:
“Vanavond houd ik het echt bij twee.”
Iedereen weet hoe dat verhaal meestal afloopt.
Er bestaat een eeuwenoude natuurwet waar wetenschappers zich nog steeds over buigen: hoe meer alcohol iemand drinkt, hoe beter diegene dénkt te kunnen dansen.
Het begint allemaal heel onschuldig. Je staat een beetje ongemakkelijk naast de dansvloer. Armen over elkaar. Hoofd beweegt voorzichtig mee op de maat. Je zegt tegen vrienden: “Ik ben eigenlijk niet zo’n danser.”
Na één drankje verandert er weinig.
Na twee drankjes denk je: “Misschien een klein dansje.”
Na drie drankjes ben je ervan overtuigd dat de wereld getuige gaat zijn van een optreden dat jarenlang besproken zal worden.
En eerlijk is eerlijk: in jouw hoofd ziet het er fantastisch uit.
Je voeten lijken vanzelf de muziek te begrijpen. Je heupen ontdekken bewegingen waarvan je niet wist dat ze bestonden. Je wijst enthousiast naar mensen alsof je midden in een videoclip staat. En ineens ben jij degene die de hele groep de dansvloer op trekt.
Het enige kleine probleem?
De werkelijkheid kijkt soms nét iets anders naar de situatie.
Waar jij een elegante moonwalk denkt uit te voeren, ziet de rest iemand die probeert een gladde stoeptegel te ontwijken. Je spectaculaire draai blijkt een halve struikelpartij en je “vloeiende” armbewegingen lijken verdacht veel op iemand die een zwerm muggen probeert weg te slaan.
Toch heeft alcohol een bijzondere eigenschap: het haalt bij veel mensen de rem eraf. Je voelt je minder geremd, maakt je minder druk over wat anderen denken en durft gewoon lekker te bewegen. En precies dát maakt dansen vaak leuker. Niet omdat je techniek ineens beter is, maar omdat je plezier hebt.
De echte kampioenen op de dansvloer weten trouwens een geheim dat veel krachtiger is dan een drankje: niemand kijkt zo kritisch naar jouw dansmoves als jijzelf. De meeste mensen zijn veel te druk met hun eigen pogingen om op de maat te blijven.
Dus wil je dansen? Doe het vooral. Met of zonder drankje. Lach om je eigen moves, geniet van de muziek en onthoud: de beste dansprestatie is niet degene met de meeste perfecte pasjes, maar degene waarbij je het meeste plezier hebt.
En mocht je de volgende ochtend overtuigd zijn dat je de sterren van de hemel